De opzet

Het nieuwe leerlingvolg- en hulpsysteem is opgebouwd rond het actieplan voor het jonge kind. Pravoo biedt alle mogelijkheden om het onderwijs te ontwikkelen en kinderen te begeleiden vanaf het moment dat het kind aangemeld wordt tot de eerste helft van groep 3 zodat de doorgaande lijn gewaarborgd is.

Het actieplan kent de volgende acties:

Het actieplan is te gebruiken binnen allerlei soorten groep 1/2-onderwijs variërend van EGO, de brede basisontwikkeling, ontwikkelingsgericht onderwijs, adaptief onderwijs, etc., omdat we u allerlei mogelijkheden bieden om de inhouden naar uw eigen hand te zetten. In het leerlingvolg- en hulpsysteem komen alle acties aan de orde voorzien van alle benodigde concrete middelen en materialen. Een systeem dus voor iedere school en ieder schooltype.

Voor al deze acht acties is er een concrete uitwerking beschikbaar. Concreet betekent dit dat het systeem bestaat uit:

De handleiding beschrijft de aangegeven acties. Dat betekent dat begonnen wordt met het beschrijven van een juiste aanmeldingsprocedure voor 4-jarigen. De vraag is dan: wat is zinvol om vooraf te weten van de nieuwe kinderen. Daarna krijgen alle kinderen een maand gewenningstijd. Die maand wordt afgesloten met actie 3; het bepalen van de beginsituatie van de 4-jarige.
Vervolgens krijgen de kinderen weer ongeveer 4 maanden ontwikkelingsgelegenheid. Bij jonge kinderen is het belangrijk om ze niet alleen te vergelijken met anderen, maar ze ook met zichzelf te vergelijken. Dat betekent dat het Pravoo leerlingvolg- en hulpsysteem alle kinderen minimaal een half jaar ontwikkelingsgelegenheid krijgen om te laten zien welke spontane ontwikkelingsmogelijkheden ze hebben. Na dat halve jaar wordt de beginsituatie, (actie 3) vergeleken met de situatie na een half schooljaar.
Daarna krijgen de kinderen gewoon onderwijs en treedt er regelmatig een LVS-cyclus op van signaleren, maken van een groepsoverzicht, het diagnosticeren van enkele opgespoorde kinderen en het bieden van speciale begeleiding. (actie 6)
Het centrale woord binnen die procedure is REDUCEREN. Dat wil zeggen dat Pravoo de uitvoering van diagnosticeren en begeleiden teruggebracht heeft naar een overzienbare hoeveelheid werk voor de leerkracht. In de handleiding is dan te zien hoe de leerkracht dat kan organiseren. De vraag; Waar haal je de tijd vandaan om dit te doen, is dan ook uitgewerkt, evenals de praktische opzet voor adaptief onderwijs.
Aan het eind van groep 2 vindt er een afsluitende peiling plaats. Daarnaast adviseert Pravoo om het systeem door te laten lopen tot november groep 3. Het is belangrijk dat leerkrachten van groep 3 nog een tijd met de oen van hun collega’s van groep 2 kijken naar de kinderen. Door het systeem door te laten lopen tot in groep 3 is de doorgaande lijn gewaarborgd. Voor al deze actie biedt het systeem:
signaleringsmiddelen, signaleringshulpen, diagnosemiddelen, begeleidingsprogramma’s,formulieren, aanwijzigen voor de organisatie, tips voor de ouders, rapportage voor de ouders.

Dat betekent dat het Pravoo leerlingvolg- en hulpsysteem een volledig systeem is.

De inspectie
In het inspectierapport van het bezoek aan de Prot.chr. bs. de Wegwijzer in Krimpen aan de Lek (een van de experimenteerscholen) schreef de inspecteur:

…...Met ingang van het lopende schooljaar is de school proefschool voor een nieuw PRAVOO-systeem. Dit ziet er veelbelovend uit: het lijkt ook een goede basis voor een gefaseerd en beredeneerd aanbod te bieden. Dat betekent dat scholen met het nieuwe systeem een volgsysteem hebben dat voldoet aan alle eisen die er aan gesteld kunnen worden. Met name de objectiviteit van de waardering van de kinderen is een actueel aandachtspunt vanuit de inspectie, terwijl ook het werken volgens lijnen en principes erg gestimuleerd wordt. Wat dat laatste betreft, kan worden gesteld dat het pakket ook een opzet biedt voor het opzetten van onderwijslijnen.

Het interne inspectie-onderzoek
In september 2001 verzocht de inspectie basisonderwijs Pravoo om informatie aan te leveren over het Pravoo leerlingvolg– en hulpsysteem ten behoeve van een interne notitie over kleuterobservatiesystemen.

In januari 2002 was de eerste versie gereed. Na een reactie van Pravoo op die eerste versie verscheen pas in oktober 2002 de definitieve versie van de inspectie-notitie.

Onderstaand laten we u de beoordeling van de inspectie zien.

In deze tabel is te zien dat het Pravoo leerlingvolgsysteem het hoogste scoort op de inspectiekenmerken. Bij de 4 aspecten gaat het over:

  1. dekt het systeem voldoende de inhouden voor gedrag, omgaan met hoeveelheden en taal?
  2. het oordeel over werkwijze en afname
  3. het oordeel over de normering/betrouwbaarheid/validiteit
  4. de diagnostische mogelijkheden en hulp van het systeem

Onderstaand is te zien dat de totaalscore voor het Pravoo-systeem het hoogste is.

 

a.
Inhoud

b.
Werkwijze

c.
Normering

d.
Diagnostiek hulpverlening

e.
Totaal-score

Systeem Laevers (EGO)

5

5

1

1

12

LVS 1-2 Eduforce

4

8

2

0

14

HOREB

5

6

3

3

17

GOVK

6

8

2

3

19

Memelink

6

8

3

6

23

PRAVOO Westra/Koning

6

8

4

6

24

De mening van de Kromme Draai te Ammerstol
De leerkrachten van de Kromme Draai te Ammerstol werken al bijna 8 jaar met de eerste versie van het pakket en zijn proefschool geweest van de nieuwe versie. Adrie en Loes: met het nieuwe systeem maken we weer een sprong voorwaarts omdat de subjectiviteit er nu uitgehaald is. Vroeger konden we nog wel eens van mening verschillen over wat nu normaal is voor bijvoorbeeld een 5-jarige, maar omdat dat nu duidelijk is aangegeven krijgen we ook duidelijker signalen over een problematische of gewenste ontwikkeling. Onze school is wel een dorpsschool maar kent toch ook een toename van gedragsproblemen en het is prettig om te zien dat de nieuwe versie van het pakket programma’s heeft over dingen als een drukke klas en zelfs programma’s bezit voor kinderen die zich te veel met elkaar bemoeien. Ieder kind heeft bij ons op school een persoonlijk ontwikkelingsboekje waarin we, net zoals de consultatiebureau-arts dat doet, de hele ontwikkeling van een kind in één oogopslag kunnen overzien. Op die manier kunnen we kinderen met anderen vergelijken, maar ook met zichzelf. We koppelen het invullen van de kaart aan de tien-minutengesprekken met de ouders. We hebben een speciale ouderrapportagekaart waarop we de ouders laten zien hoe hun kind zich ontwikkelt. Voor ongeveer twee kinderen voeren we nog een verdere observatie uit en voor enkele kinderen nog een individueel handelingsplan.

Naast het functioneren van individuele kinderen bevestigt het groepsoverzicht ons zicht op de totale groep. We kunnen vrij makkelijk overzien wat we met de gehele groep of subgroepjes aan moeten pakken.

Greet: mijn probleem is nu niet meer zo de vraag welke middelen ik nodig heb, maar de vraag: Waar haal ik de tijd vandaan om dit allemaal uit te voeren? Vroeger kwam het nog wel eens voor dat ik ’s maandags aan het begin van de week allerlei plannen had, maar vrijdags moest vaststellen dat het er vaak niet van gekomen was. In het pakket is het idee van adaptief onderwijs gekoppeld aan zelfstandig spelen en werken en dat moet ons de organisatorische mogelijkheid bieden om alle begeleidingsmogelijkheden die we nu hebben ook daadwerkelijk uit te voeren.

top